Foto_gepest_Angela

19 april is het de nationale dag tegen het pesten.
Angela werd als kind gepest en heeft eenmalig ook zelf gepest. Omdat wij pesten tegen willen gaan én dus ook onder de aandacht willen brengen wat pesten met iemand kan doen, hebben wij haar wat vragen gesteld.


Je bent al vanaf de eerste basisschool gepest. Op welke manier werd dit gedaan?
Dat klopt inderdaad. Als kind heb ik op twee basisscholen gezeten. Dat heeft overigens niets met het pesten te maken, maar dat kwam doordat ik met mijn ouders toen ik tien was naar de andere kant van de stad verhuisde. Toen mocht je niet op je eigen school blijven, maar moest je overstappen op een school dichterbij. Afijn, de pesterijen begonnen toen ik in groep zes zat van mijn eerste basisschool. Om heel eerlijk te zijn heb ik geen idee wanneer en waarom het pesten is begonnen. Daar kan ik alleen maar naar gissen. Ik denk dat het iets te maken heeft gehad met mijn zachte karakter en mijn wil om de wereldvrede te bewaren. Nou ja, wereldvrede op plaatselijk niveau dan. Iemand kwetsen kon en wilde ik niet waardoor ik eigenlijk nooit van mezelf afbeet.

Door een verhuizing ben je op een andere basisschool terechtgekomen. Ook hier werd je gepest. Wat was de reden hiervan?
Wat betreft mijn tweede school heeft het er waarschijnlijk mee te maken gehad dat ik als vreemde eend in de bijt binnen kwam wandelen en alle groepjes al waren gevormd. Daarnaast werd ik fors dikker – misschien wel door de verhuizing dat (onbewust) de nodige stress met zich meebracht – en was ik een makkelijk mikpunt voor mijn klasgenoten. Als ik nu terugdenk, dan heb ik het idee dat het maar een paar pesters waren en dat ze ook niet de hele tijd pestten, maar het geheugen is wat dat betreft een vreemd iets. Sommige momenten worden in de tijd versterkt, anderen juist verzwakt. Toch liegt een dagboek niet en daar is wel degelijk in te lezen dat ik regelmatig het mikpunt was van pesterijen.

Je vertelt dat je er op de middelbare school niet echt bij hoorde, maar toen je eenmaal een andere opleiding deed er wel helemaal bij hoorde. Ik kan me voorstellen dat dit goed voelde voor jou. Of heb ik dit mis?
Dat vind ik lastig, het is immers al zolang geleden en zoals ik aangaf kan het brein je wat dat betreft foppen. Ik moet het dus doen met de herinneringen die ver weggestopt zijn. Als ik nu terugdenk aan die tijd moet ik juist denken aan flirten met jongens en opvallen. Toch is er diep weggestopt ook de wetenschap dat ik dikwijls werd genegeerd en er niet bij hoorde. Dit had te maken met het feit dat ik de eerste drie maanden van mijn brugklas heb gemist doordat ik in kritieke toestand in het ziekenhuis ben beland door een blindedarmontsteking die uiteindelijk resulteerde in een fikse buikvliesontsteking, maar dat terzijde. Het gaat erom dat ik niet bij de structurering van de klas aanwezig was. Ik moest mijn plekje later veroveren en dat viel niet mee.
Ik droomde er mijn hele leven – tot mijn zestiende – van om dierenartsassistente te worden en tijdens die periode bleek dat er een speciale opleiding was om dat te kunnen worden. Daarom stapte ik in het begin van het derde schooljaar over op die opleiding. Daar zaten we met drie a vier meisjes tussen zo’n vijftien jongens en ik kan je zeggen: dat was erg gezellig. Doordat ik inmiddels tig kilo was afgevallen was ik dun en had ik aan mannelijke aandacht niets te klagen. Iets waar ik overigens niets mee deed, behalve profiteren van de aandacht die me zelfvertrouwen gaf.

Je zegt dat je als tiener ook bent gepest door meiden die ooit je vriendinnen waren. Hoe zit dat precies?
Ja, dat klopt inderdaad. Was ik eindelijk van de schoolpesterijen af, werd ik op een andere manier gepest. Als tiener zat ik in een vriendengroepje en alle meiden uit dat groepje waren jongensgek. Ikzelf vond jongens leuk om mee te geinen (op school), maar verder hoefde ik er niets mee, ik vond ze vooral lastig. Door mijn desinteresse in jongens werd ik langzaam maar zeker het zwarte schaap van de groep en al vrij snel ook het mikpunt van spot, werd zelfs een lesbo genoemd, iets waar je als tiener niet blij mee bent of het zo is of niet. Het waren mijn beste vriendinnen. Dacht ik. Dat heeft er voor gezorgd dat ik een tijdlang niet meer zorgeloos in een vriendschap kon staan. Gelukkig ging ik het niet uit de weg en heeft mijn beste vriendin me geleerd dat vriendschap niet altijd een illusie is. Toch laat het littekens achter wanneer je vriendinnen je op straat uitmaken voor hoer, slet en erger. Het grappige is dat een aantal van hen alweer jaren in mijn facebook vriendenlijst staan en ik alleen “hard-feelings” heb wanneer ik er echt aan terug denk. Of misschien is verdriet een beter woord.

Op deze opleiding heb je een ander meisje gepest. Je deed met de groep mee. Hoe voel je je hier nu onder, dat je dat meisje hebt gepest?
Er zat een meisje in mijn klas die wat buiten de boot viel. Het is op dit moment moeilijk te bepalen waar dat aan lag en ik vind het ook niet nodig hier echt over te gaan gissen. Het is een feit dat ze niet goed in de groep lag en dikwijls het mikpunt van spot en roddel was. Omdat ik wist hoe het is om buitengesloten te worden en er niet bij te horen en vooral hoe eenzaam je je dan kunt voelen, hield ik me er vaak buiten. Achteraf denk ik wel eens: misschien had ik haar erbij moeten betrekken, het voor haar op moeten nemen, maar anderzijds kan ik me ook haast niet voorstellen dat ik nooit mijn best daarvoor heb gedaan. Zeker omdat ik dat gevoel zo goed kende.
Afijn, op een dag was ze wederom het mikpunt van roddel en ik heb eenmalig mee geroddeld. Zijzelf was daar niet bij en heeft het niet gehoord. Denk ik. Zeker weten doe ik dat niet. Het ging eigenlijk nergens over en het kon haar niet echt schaden (iets in de trant van: wat zit haar kapsel beroerd vandaag), maar ik voelde me vrijwel meteen schuldig en heb me toen terug getrokken. Op gepaste tijden voel ik me er nog wel eens schuldig over.
De wetenschap dat je zo gemakkelijk mee gaat doen met de groep zette me aan het denken. Vorig jaar heb ik geprobeerd contact met haar (M) op te nemen, maar ik kan haar afgezien van één website nergens vinden. Ik heb een bericht achtergelaten om contact te krijgen, maar tot op heden heeft ze niet gereageerd. Ik wilde haar graag mijn excuus aanbieden. Niet om met mezelf in het reine te komen, maar om haar te vertellen dat ik het niet had moeten doen en dat ik voor haar had moeten opkomen. Verder ben ik ook realistisch en weet ik ook dat ik toen een vijftienjarig meisje was dat beïnvloed werd door een groep. Hoe zou ik me nu voelen als ik daadwerkelijk een pester was geweest?

Je vertelt dat je het verleden goed achter je hebt kunnen laten. Komen er ondanks dat toch ook nog wel gevoelens naar boven van vroeger?
Laatst kwam ik heel toevallig een oude klassenfoto tegen van mijn tweede basisschool. Op de een of andere manier raakte ik enthousiast en plaatste ik mijn eigen klassenfoto (toevallig een andere – de ene groep 7, de andere groep 8) op mijn account. Binnen no-time had ik tig oud-klasgenoten in mijn profiel en toen ging er iets om. Ineens leek het wel of ik tweeëntwintig jaar terug in de tijd werd gegooid en ik weer dat kleine meisje was. Dat kleine mollige meisje dat het gevoel had er niet bij te horen, het gevoel had niet belangrijk te zijn en geen recht had op haar eigen plekje in de wereld. Hoewel ik het verleden goed achter me heb gelaten en ik de pesters niets verwijd, is dat blijkbaar toch net een stap te ver.
Nog geen jaar geleden zei ik heel groots: als er ooit een reünie komt, dan ga ik! Daar ben ik inmiddels niet meer zo zeker van. Vergeven is één ding, maar vergeten zal waarschijnlijk nooit gebeuren. Op dit moment sta ik sterk in mijn schoenen – in het leven – weet ik dat ik recht heb op mijn plek in deze wereld, dat ik het waard ben en dat niemand het recht heeft om een ander genadeloos kapot te maken. Toch gaat het nooit helemaal weg. Pesten verandert je leven voorgoed en tekent je. Het is alleen de vraag op welke manier. Maakt het je sterker? Of juist niet?

Wil je nog wat zeggen tegen de kinderen die anderen nu pesten?
Dat vind ik ontzettend moeilijk, omdat ik als volwassene inmiddels ook weet dat je nooit zomaar pest. Vaak is het omdat er thuis iets niet goed zit, omdat kinderen iets tekort komen en zo moeten compenseren. Of omdat ze zo opgevoed zijn. Ondanks dat pesten iets verschrikkelijks is moet het niet onderschat worden. Pesters lijden vaak ook, maar daarmee wil ik het niet goedpraten. Absoluut niet! Daarom weet ik ook niet wat ik tegen hen moet zeggen. Elke dag weer zoek ik het antwoord, want mijn zesjarige dochter is op straat regelmatig het mikpunt van pesterijen. Moet ze terugslaan of juist niet? Moet ze ook een grote mond krijgen of juist niet? Moet ze terug pesten of juist niet? Vooral op dat laatste weet ik heus wel dat het antwoord nee is, maar je bent als ouder zo machteloos.
Het enig dat ik haar kan voorhouden is dat pesten niet leuk is en dat het je verdrietig kan maken, dat ze het daarom zelf niet moet doen. Daarnaast ben ik heel alert en houd ik mijn ogen open. Twee kanten op: zowel kijkend of mijn dochter gepest wordt, maar ook of zij andere kinderen pest. De kans dat je kind gaat pesten wanneer het zelf gepest wordt is naar mening namelijk groot.

Wat wil je nog kwijt aan de kinderen die nú gepest worden?
Enerzijds wil ik zeggen dat het een fase is, dat het overgaat, maar ik weet ook als geen ander dat je daar geen zak aan hebt. Daar heb ik dus helaas geen antwoord op, maar wat ik nog wel kwijt wil is dat de nadruk zo op kinderen gelegd wordt, maar dat in het dagelijks leven ook elke dag volwassenen op hun werk of onderweg er naartoe gepest worden, genegeerd, getreiterd en vernederd. Ooit zei iemand tegen me dat je dat zelf in de hand hebt en dat je daar zelf iets tegen kunt doen. Die mening deel ik niet. Kinderen kunnen hard zijn tegen andere kinderen, maar volwassenen kunnen ook extreem hard zijn en gaan soms nog veel verder. Toch is dat misschien een nog moeilijker onderwerp en een heel stuk complexer. Misschien zou het helpen als de pester van vandaag zo verandert dat het later als volwassene niet een ander mens het leven zuur maakt. John Lennon zong het ooit al: “Imagine all the people, living live in peace…” Er is sinds 1971 helaas nog maar weinig veranderd en dat maakt zijn liedje nog altijd tijdloos. Fijn voor hem, helaas voor ons.

written by

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.