Depri

depri

Al een kleine vijftien jaar ben ik chronisch depressief.
Daar laat ik meestal niet zoveel van merken, denk ik.
Jij? Kom op, dat meen je niet. Je schreef een boek en nu schrijf je columns.
Ik volg je toch op Facebook…..?

De suggestie is kennelijk: als je depressief bent kun je niet schrijven en zo actief zijn op sociale media. Of ik doe me anders voor dan hoe ik werkelijk ben. Vandaar dit stukje.

De laatste tijd gaat die depressie regelmatig met me op de loop.
De symptomen komen steeds vaker en worden alsmaar heftiger. Wat ik ook doe, ik heb nergens meer plezier in. Uiterlijk camoufleer ik dat voor de buitenwereld door wat onzin te vertellen op Facebook. Een uitlaatklep. Die onzin gaat me doorgaans goed af maar zegt weinig tot niets over wie ik werkelijk ben en hoe ik mij op dat moment voel. Af en toe wat humor is wat anders dan vrolijk zijn. Een vage echo uit het verleden.

Voor alle duidelijkheid: een chronische depressie is zeker geen dip, geen zwakte maar een ziekte. Er wordt zo weinig over gesproken. Degenen die mij echt kennen weten dat de pijn veel dieper zit. Zo langzamerhand begint het mijn leven meer te overheersen dan mij lief is. Ik raak de regie over mijn eigen leven kwijt en dat kan nooit de bedoeling zijn. Het gebeurt wel. Schaam ik mij? Tuurlijk niet. Gelukkig kan ik er gewoon over praten.

Regelmatig zijn er van die gitzwarte perioden.
Dan oogt het leven asgrauw. Eindeloos sombere, troosteloze dagen volgen elkaar op. Vrouw en kinderen de deur uit, tegen wie kan ik praten? Die dagen duren vaak lang, heel lang. Ik wil zoveel, ik doe niks. Amper besef van de dag, de tijd. Interesseert me ook niet. ‘s Morgens verlang ik al naar het moment dat ik weer naar bed kan. Energie van nul komma helemaal niks. Nergens zin in, zelfs niet om weer eens een goed boek te lezen. De concentratie is er niet. Zonder enige noemenswaardige fysieke inspanning ben ik dan ’s avonds moe.

Ik hou niet meer van gezelligheid. Op feestjes praat je natuurlijk niet over dit soort dingen. Feestjes zijn er immers om lol te hebben. Mensen weten zich maar al te vaak ook geen houding te geven. Een moeilijk onderwerp, kunnen ze die vraag wel stellen, wat moeten ze wel en niet zeggen? Kan ik mij wel iets bij voorstellen; soms snap ik het zelf niet meer. Dat soort afspraken ga ik steeds meer vermijden. Aarzelend wil ik misschien nog wel maar het gaat vaak niet; ik blokkeer helemaal. Altijd weer ligt vereenzaming op de loer.
Soms wil ik er gewoon niet meer zijn. Was het maar voorbij.

Ik ben wel wat gewend maar ik kom er vaak op eigen kracht niet meer uit. Dan is de werkelijkheid waarin ik leef amper nog de mijne maar de resetknop is stuk.
Inmiddels heb ik professionele hulp gezocht. Da’s niet de eerste keer. Ik hoop en verwacht nu een hulpverleningstraject waarin ik eerst klinisch en aansluitend nog ambulant datgene krijg wat ik zo hard nodig heb. Psychisch en fysiek. Ik sta hoog op de wachtlijst dus misschien kan ik er binnen een paar weken al mee starten. Eindelijk; hoe eerder hoe liever.
Ik prijs mij gelukkig met een zeer zorgzame vrouw en twee volwassen zoons. Maar toch wil ik nu gewoon een tijdje weg uit de thuissituatie. Hoelang? Ik zie het wel. Het is mijn eigen keuze.

Ronduit vervelend: het is er wel maar je ziet het niet.
Voor menigeen betekent dat: Wat je niet ziet is er niet. Dan ga ik er innerlijk aan kapot maar omstanders hebben vaak totaal geen idee waar ik het over heb. Het enige dat ze zien is dat ik helemaal niet zo vrolijk kijk, in gezelschap met gedachten en aandacht zo afwezig.
Lotgenoten begrijpen mij feilloos, voelen het precies aan ook als ik iets niet zeg. Aanvoelen, aanvullen, erover praten, misschien een hart onder de riem. Vertellen over eigen ervaringen. Niet oordelen.

Twee jaar geleden breek ik thuis mijn been; niet geconcentreerd. Twee weken later mijn arm. Allebei rechts en ik ben een rechtspoot. Daar ben ik al die tijd mee blijven sukkelen; zal nooit meer zijn zoals het was. Een jaar eerder een hersenbloeding. Had zoveel anders kunnen aflopen. Ik bof toch maar in het leven.
Sindsdien is de wereld voor mij kleiner geworden, veel kleiner. Mijn dagelijkse wandeling met een praatje hier of daar gaat niet meer. Ik ben blij als ik tot aan de bushalte een paar honderd meter verderop kom. Boodschappen doen: te ver. Autorijden? Al een paar jaar niet meer. Onze tuin is altijd mijn grote hobby geweest. Klussen in en om huis, biljarten, fotograferen, lekker de natuur in. Kan allemaal niet meer. Word ik niet echt vrolijker van.

Ik zeg dit niet om zielig te doen of te klagen want zo ben ik niet. Ik constateer gewoon de feiten. Ik troost mij met de gedachte dat mijn depressie slechts een deel van mijzelf is. Ik ben mijn ziekte niet; ik ben ook niet gek. Dit is wel mijn werkelijkheid.
Gelukkig ben ik als optimist geboren en van nature positief ingesteld.
Juist daarom praat ik er ook over.

Hoog tijd om nu aan mezelf te denken.

N.B. Meer lees je in mijn autobiografie “Van werkloos tot depressief” en in meerdere eerdere columns in “Vis op vrijdag”. Stuur ik je allebei graag toe.
Zie http://www.robvanspanje.nl  voor info en enkele mooie recensies.

 

Meer columns van Rob van Spanje? Lees zijn bundel Vis op vrijdag!

written by

7 Comments on Depri

  1. Mieke
    maart 17, 2017 at 10:23 pm (1 maand ago)

    Heel veel respect Rob dat je dit zo mooi weet en durft te verwoorden.
    Herkenbaar ook.
    Is ook niet niks wat je de laatste jaren allemaal voor je kiezen hebt gekregen.
    Hoe je leven totaal is veranderd.
    Hoe je iedere dag weer opnieuw moet dealen met je beperkingen.
    Maar moet zien hoe je je dagen zinvol invult en daar voldoening van hebt.
    Wens je heel veel succes en hoop van harte dat er betere tijden voor je aanbreken.

    Beantwoorden
  2. leen van der schueren
    maart 18, 2017 at 1:13 am (1 maand ago)

    Dat je externe hulp zoekt, is hoopvol. Leven is sowieso niet simpel, maar het kan minder zwaar dan dat het voor jou is. Respect voor je eerlijkheid op fb. En los daarvan: je schrijft goed.

    Beantwoorden
    • Rob van Spanje
      maart 18, 2017 at 11:22 am (1 maand ago)

      Dank je Leen. Ik ben er altijd van overtuigd geweest dat kwetsbaarheid mijn kracht is, zeker ook nu.

      Beantwoorden
  3. Paulien Vermaas
    maart 20, 2017 at 11:16 am (1 maand ago)

    Bewondering voor je openhartigheid.
    Herkenbaar.
    Ik wens je veel succes en hoop dat je met hulp die je gaat krijgen weer vooruitgang kan maken.

    Beantwoorden
  4. Rob
    maart 20, 2017 at 4:10 pm (1 maand ago)

    Dank Paulien. Ik hoop dat er meer gesproken gaat worden over depressiviteit, in welke vorm dan ook. Niet alleen voor depressievelingen; minstens zozeer voor hun partners en omgeving.

    Beantwoorden
    • Paulien Vermaas
      maart 29, 2017 at 12:38 pm (1 maand ago)

      Hoop ik ook! Er hangt nog een soort taboe erom heen.

      Beantwoorden

Leave a Reply