Wordt dit mijn beste column die ik ooit geschreven heb?
Zoals lezers van mij gewend zijn ben ik meestal serieus. Tuurlijk hoort daar ter afwisseling ook af en toe een kwinkslag bij.

Mijn beste column zal nooit geschreven worden. Misschien heb ik dat allang gedaan. Vind ik totaal niet interessant omdat de lezer altijd het laatste woord heeft. Goed, beter, best. Alles wat meer moet zijn dan goed is onzin. Ik zie mezelf al zitten met het puntje van de tong uit de mond en zinloos piekerend over de vraag of ik toch maar beter indien of als zal schrijven. En die puntkomma kan toch beter een punt zijn en meer van dat soort flauwekul. Verspilde energie. Het schrijven van een stukje zou veel tijd gaan kosten. Nu doe ik dat meestal in een paar uurtjes. Over dingen die ik kwijt wil. Da’s alles wat ik doe. Ik laat mijn gevoel spreken, dan vormen de woorden vanzelf de juiste zinnen. Een nachtje erover slapen, nog wat kleine aanpassingen en dan online ermee.

Wees eens eerlijk. De enige reden waarom je dit nu leest, is de titel. Even geprikkeld, nieuwsgierig. Misschien wel belangstellend. Zo eenvoudig kan het leven zijn van lezers en van een stukjesschrijver. Glimlachen en proberen te genieten van het leven. Iedere dag opnieuw. Ik weet niet wie eenvoudiger is: de schrijver of de lezer? Ik hoef het antwoord niet te weten. Blij dat domme vragen niet bestaan.

Het oordeel over de kwaliteit van mijn stukjes? Varieert waarschijnlijk van vreselijk, mwah en zo tot en met wel aardig, realiteitszin, nuchter en prachtig. Hoef ik allemaal niet te weten. Wat lezers ervan vinden boeit mij eigenlijk helemaal niet. Ik schrijf voor mijzelf en ben geen journalist. Zou ik totaal ongeschikt voor zijn.
Ik schrijf over van alles en nog wat. Ik mag gerust overdrijven; liegen als ik dat zou willen. Dat laatste doe ik nooit. Evenmin als mensen bewust beledigen of kwetsen. Zo ben ik niet opgevoed.
Kennelijk behoren columnisten ook een eigen mening te hebben over wat ze schrijven. Heb ik ook. Of ik die vertel? Meestal wel. Ook lees je die soms alleen maar tussen de regels door. Je ziet het of je ziet het niet.

Weet je wat het is?
Vandaag lukt het schrijven niet zo best. Gebeurt zelden maar ik heb net mijn chemokuren achter de rug. Ik ben gewoon erg moe; vast nog de naweeën. Deze maand en begin volgend jaar nog een stuk of tien bestralingen en daarna zien we wel weer. De laatste tijd flipperen mijn gedachten regelmatig tussen uitersten. Voor mijn gevoel zegt mijn eigen lijf meer dan honderd artsen mij ooit nog zullen vertellen. Zelden heeft mijn intuïtie mij bedrogen. Hoe het kan, weet ik niet maar ik ben er ijzig kalm onder. De tijd zal het leren.

Vandaag heb ik helemaal geen zin meer om nog verder te schrijven. Moet kunnen. Bovendien moet er wat ruimte overblijven voor de fantasie van de lezer.

Ben ik nou serieus?
Uh, ja. Dit was mijn beste.


Meer columns van Rob van Spanje?
Lees zijn bundels Vis op vrijdag, Ik hengel maar wat en Stukjes!

 

written by

1 comment on “Mijn beste column”

  1. Lieve Rob,

    Ik hoop voor deze ene keer, dat je intuïtie je wel bedriegt.
    Volgens mij moet je je beste column nog schrijven.
    Maar wie ben ik? Een eenvoudige hobby recensente.
    Jij bent de auteur … jij schrijft … jij weet wanneer je je beste column schrijft of geschreven hebt.

    Liefs,

    Mieke

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.