Dit is de honderdste column die ik schrijf voor Banger Sisters.
Is dat bijzonder? Nee. Honderd is gewoon een getal -een cijfer zo je wilt- zoals elf, dertien en negenenzestig ook gewoon getallen zijn. Zit helemaal niks achter.
Het zijn alleen maar mensen die daar een speciale betekenis aan toekennen.

In mijn leven heb ik vooral geleerd om vooruit te blijven kijken.
Herinneringen aan het verleden? Die kunnen prachtig zijn; intens, overweldigend. Beelden komen weer tot leven. Hoe het ooit eens was. Ook ik kijk wel eens om. Hoe mooi het leven toen toch was.
Soms zijn het alleen maar dooie paarden waaraan je vergeefs hebt staan rukken en ouwe koeien uit die sloot. Was het wel zo mooi of is het een illusie waar je maar al te graag in wilt geloven?
Piekeren over de toekomst? Piekeren over dingen die wellicht nooit zullen gebeuren?
Ik doe het al heel lang niet meer. Dat is wat ik in mijn leven heb geleerd.

Ik leef alleen nog in het nu. Iets anders is er niet. Piekeren heb ik ingeruild voor af en toe heerlijk mijmeren. Even wegdromen van de sleur en de beslommeringen van de dag. Dat zijn voor mij die momenten waarin ik mijn fantasie vrijelijk z’n gang laat gaan. Die mijmermomenten, mijn dromen; ik koester ze. Menig column is toen geboren.

Mijn eerste column schrijf ik op 4 maart 2012.
Geen enkele ervaring. Ik heb mijn allereerste columns er nog eens op na gelezen. Het zijn meer verhalen dan columns; veel en veel te lang. Onnodig papier zwart maken. Wat zou het; een mens is nooit te oud om te leren. Vallen, opstaan en daarna misschien weer anders.

Banger Sisters heeft mij destijds over de streep gehaald om columns te gaan schrijven omdat ze mijn autobiografie hebben gelezen: “Van werkloos tot depressief”. Het boek waarin ik alle opgekropte emoties van jaren in een klap van mij af schrijf en weer ruimte maak voor het zoeken naar een nieuwe toekomst. Schrijven, de beste therapie die ik ooit gehad heb.

De opdracht is: “Schrijf columns over hetgeen je heeft gemaakt tot wie en wat je nu bent.”
Ik ben allergisch voor hiërarchie. Bij een bevel of een opdracht ga ik op voorhand dwarsliggen.
Terwijl ik dwarslig denk ik nog eens na. “Opdracht” blijkt bedoeld te zijn als “uitnodiging”. Zeg dat dan! Het blijkt een heerlijke uitdaging. Ondanks mijn eerste verbale gestuntel heeft Banger Sisters er alle vertrouwen dat ik er iets van ga maken. Het laatste woord is altijd aan de lezer.

De onderwerpen van mijn columns? Ze liggen met tientallen op straat; je hoeft ze alleen maar te zien. Soms droom ik; ’s nachts en overdag. Dat schrijf ik wel eens op.
Maar het gaat vooral om mijn eigen gevoel, meer heb ik eigenlijk niet nodig. De een noemt het fantasie, een ander creativiteit. Ik schrijf zoals ik ben. Soms zit er zelfs een boodschap in. Gewoon omdat ik schrijf vanuit mijn hart.

Wat ik veel belangrijker vind: ik zat in een heel diepe put en soms denk ik daar uit te zijn.
Nooit geweten dat een put in iemands leven zo diep kan zijn. De weg is lang maar ooit kom ik er weer uit. Schrijven helpt mij daarbij.
Ik kijk vol vertrouwen vooruit. Over wat er komen gaat, maak ik mij niet druk: de toekomst is niet eens begonnen.

Het zit in mijn genen. Ik ben een eeuwig optimist.
Ik hoop, nou nee ik vertrouw dat ik nog lang zal kunnen schrijven.
Meestal serieus, altijd met een glimlach.


Meer columns van Rob van Spanje? Lees zijn bundel Vis op vrijdag!

written by

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.