Heerlijk, ik kan weer een column schrijven.
Ik ben er inmiddels een week of vijf tussenuit geweest. Er is vast niemand die mij gemist heeft.
Des te meer heb ik het schrijven gemist en de reacties van lezers op mijn stukjes. Waarom ik niet meer heb geschreven? Simpel, ik lag en lig nog steeds in het ziekenhuis. Waarom ik hier ben terechtgekomen? Ik voel mij tot niemand verplicht om dat uit te leggen maar doe het wel.
Lees maar even door en je bent helemaal bij.

Ik ben chronisch depressief; dat is bekend en je vindt het ook regelmatig terug in mijn columns.
Wat slechts weinigen weten, is dat ik gedurende de laatste jaren ook een geroutineerd drinker ben geworden. Vooral in die zwarte perioden waarin ik het door die uitzichtloze depressie vaak verdomde moeilijk heb gehad. Mijn oplossing: alcohol om dat ellendige gevoel wat te verzachten en de realiteit te verdoezelen.
Natuurlijk, rationeel weet ik ook wel dat alcohol en depressie bepaald niet elkaars vriendjes zijn. Door te gaan drinken verlicht ik tijdelijk mijn klachten maar feitelijk nemen mijn depressieve gevoelens uiteindelijk toe. Vervolgens ga ik weer meer drinken om, etc. Dat hele circus gaat zo door: vaker drinken, al eerder op de dag beginnen, de hoeveelheid neemt toe, etc. Nou kan ik wel verschillende namen voor die situaties gaan verzinnen, maar dat heet gewoon alcoholist.
Het is voor mij een vicieuze cirkel geworden waar ik simpelweg op eigen kracht niet meer uit kom.

Voor dit jaar heb ik maar één goed voornemen: deze cirkel doorbreken en een punt achter de alcohol zetten. Ik ben gemotiveerd tot in mijn tenen. Ik ben al vaker gestopt met drinken. Dat gaat vaak ook best goed maar na verloop van tijd begin ik toch weer en dan is het binnen de kortste keren weer foute boel.
Nu heb ik voor het eerst in mijn leven met mijzelf de afspraak gemaakt: niet meer drinken. Zeker voorlopig ook niet zo af en toe want ik weet dat het dan toch weer fout gaat. Ik ben mij er meer dan ooit van bewust dat ik aan het thuisfront een rekening heb te vereffenen: herstellen van de vertrouwensrelatie met mijn vrouw en kinderen en laten zien dat ik het ook anders kan. Het initiatief daartoe ligt bij mij; ik heb immers mijn eigen probleem veroorzaakt. Ik zal het ook oplossen.
Eerlijk gezegd mag ik nog blij zijn dat mijn vrouw bij mij is gebleven en mij altijd is blijven steunen; ook nu. Ik heb haar en de kinderen veel schade berokkend en dat spijt mij oprecht. Het is aan mij om te laten zien dat ik het nu anders wil, kan en zal.

Na mijn dubbele beenbreuk en gebroken arm van vorig jaar ben ik nog lange tijd in revalidatie geweest, ook in het ziekenhuis. Daar heb ik een goede revalidatiearts getroffen. Een aantal maanden geleden heb ik haar ook verteld van mijn alcoholprobleem; in die periode zit ik ook psychisch helemaal in de knoop. Ik vertel haar dat ik nu tot in mijn diepste vezels gemotiveerd ben om te stoppen.
Zij onderneemt meteen stappen en dan gaat het snel. Ik kom in contact met een psychiater in het ziekenhuis. Hij luistert naar mijn verhaal en zorgt ervoor dat ik zeer snel kan starten met de zogenaamde Detox-fase: drie weken opname in het ziekenhuis en onder medische begeleiding acuut stoppen met drinken. Tevens wordt mijn medicatie hier en daar aangepast.

Tijdens die drie weken komt een afdelingsarts langs. Ik vertel dat ik al maanden pijn heb aan mijn rechter onderbeen en dat daar geregeld ook pus en waterig bloed uitkomt. Die ontstekingen heb ik al maanden eerder gemeld bij de traumapoli waar ik geregeld voor controle kom. Daar wordt iedere keer een scan gemaakt en krijg ik te horen dat het bot goed aan elkaar is gegroeid behalve een laatste stukje. De ontsteking wordt telkens afgedaan met de opmerking dat dat een teken is dat het lichaam nog actief met het herstel bezig is.
De afdelingsarts denkt daar anders over en stuurt mij door naar de benenpoli om het te laten zwachtelen. Na ’n weekje komen de ontstekingen weer tot uitbarsting. Een verpleegkundige van de benenpoli pakt een metalen pennetje zonder punt en kan dat moeiteloos zo’n vijf centimeter in de ontstekingen duwen. Ik voel er niks van. Een arts komt erbij, die belt meteen de traumapoli en een dag later ben ik bij een chirurg van de traumapoli. Na een paar minuten: ik wil u hier houden, u krijgt vier keer per dag een infuus met antibiotica en ik wil u vrijdag laten opereren.

Duidelijk: enkele dagen later ga ik onder het mes. Tijdens de operatie registreren ze hartritmestoornissen. Meteen krijg ik een kastje om waarmee ik 24 uur per dag onder controle sta van cardiologie (telemetrie). De dagen daarna worden weer ritmestoornissen geregistreerd en om een lang verhaal kort te houden: om onnodige risico’s uit te sluiten krijg ik over een paar dagen een pacemaker. Ik vind het prima. Ik ben nu toch hier en ineens gaat alles supersnel. Heb ik meteen de APK voor 2016 compleet.

Ik ben oprecht een gelukkig patiënt. Ik ben en blijf een eeuwig optimist, ik denk positief en blijf mijn humor behouden. Als ik die eigenschappen moet missen, ga ik dood.
Ik zal vast nog wel een paar keer schrijven over deze periode in mijn leven.
Ik ben een bofkont.

 


Meer columns van Rob van Spanje? Lees zijn bundel Vis op vrijdag!

written by

5 reacties op Vicieuze cirkel

  1. Lieve Rob, moedig man.
    Je column raak me. Ik vind het hel erg waar jij en de mensen die jou lief zijn doorheen moeten. Toch, de humor, de smeerolie van het leven. Het is mooi omdat bewust te blijven. Een fijn weekend en liefs van mij.

    • Dank je wel Corina.
      Voor mij is het zeker niet erg hoor. Ik ga nu definitief het puin ruimen dat ik zelf veroorzaakt heb. Voor mijn vrouw en kinderen is het erger: ik heb hen benadeeld maar zij steunen mij zeker bij het traject dat ik verder ga volgen. Zij zullen er een nieuwe Rob voor terugkrijgen. Met z’n allen komen wij hier sterker uit. Zeker weten. Groetjes

  2. Dezjus Rob,
    Je geeft jezelf hiermee wel heel erg bloot.
    Knap van je dat je ‘t durft, voor je vrouw en kinderen natuurlijk een extra bevestiging dat het je serieus is en dat zij voor jou het belangrijkste op deze wereld zijn.
    Ik wens je heel veel succes en verder veel sterkte met de genezing van je botten.
    Hoewel ik er helemaal buiten sta voel ik me best trots jou als een oude vriend te mogen noemen.

    • Harie, mooi gesproken.
      In al mijn columns kan ik telkens ook iets kwijt van mijzelf. Daardoor zijn mijn stukjes ook vaak herkenbaar voor mijn lezers. Dat leidt vaak tot mooie, vaak heel persoonlijke reacties die ik doorgaans per mail krijg.
      Mijzelf bloot geven? Ik kan er niet mee zitten; zo bén ik toch? Ik ben heus niet de enige die met dit soort situaties te maken heeft (gehad). Misschien durven anderen in soortgelijke situaties er nu ook wat gemakkelijker over te praten. Het is niet zo moeilijk.
      Dank je wel voor je mooie slotzin!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.