Ik ben dit jaar weer naar Terschelling geweest. Ik ben de tel kwijtgeraakt. Waarschijnlijk ben ik voor de 26e keer weer op Terschelling geweest. Op een of ander manier voel ik me daar zo thuis, het is zo vertrouwd. Ik voel me op een of ander manier daar zelfs meer thuis dan hier in de randstad.

Ik ging voor het eerst naar Terschelling toen ik drie was. Elk jaar weer gingen wij er naar toe. Elk jaar zagen wij weer hetzelfde gezichten. Elk jaar deden wij dezelfde dingen. Elk jaar verveelden wij ons niet. Er was altijd wel wat te doen.

Door de jaren heen hadden wij onze tradities opgebouwd. De dag na aankomst gingen wij naar Cafe de Boschplaat en daar dronken wij wat of aten een ijsje. Dan was de vakantie 11952028_10207594302203886_7159500657584630739_nofficieel begonnen. Net zoals elk jaar midgetgolfen. Mijn zus had haar eigen traditie bij dat spel, elk jaar weer kreeg zij voor elkaar om in één keer in het net te slaan! Serieus, elk jaar weer! Ook hadden wij onze traditie met Hans en Grietje, yum heerlijke pannenkoeken. Maar niet alleen daar aten wij pannenkoeken, ook bij Heksenketel konden wij heerlijke pannenkoeken eten.

Toen ik wat ouder werd, gingen mijn vader en de vader van een gezin, die elk jaar ook rond hetzelfde tijd daar vakantie vierde, twee speurtochten uitzetten. Dat was spannend. Je liep door het duin de heide op zoek naar een schat. Natuurlijk liepen de beide vaders apart, elk in een ander groep. Voor het geval dat de groep verkeerd mocht lopen. Onze schat was… drop!!! Wow!

Later bouwden mijn vader en ik een traditie. Terschelling had toen diverse wandeltochten in de zomerperiode. Elke dinsdag en donderdag wandelden wij 10 km. Het werd uitgezet en start en einde kon best een eind verderop zijn. Waardoor je soms eerst toch nog een half uurtje moest fietsen en dan 2 uur wandelen en dan weer terug fietsen. Helemaal een ramp als je tegen de wind in moest…

Over wind gesproken… Als wij naar Midsland gingen, hadden wij altijd wind mee. Maar met boodschappen terug, yep, wind tegen. Maar zo’n soort wind was wel geschikt voor vliegeren.

Nog iets dat een traditie werd, zodra het donker werd, gingen wij op de fiets naar West-Terschelling fietsen. Gosh, dat was spannend! Geen straatverlichting, in het donker en alle konijnen en hazen liepen dan over de paden.

En natuurlijk dagelijks naar het strand. Want we hadden altijd mooi weer. Alleen dat ene jaar… Toen wilden mijn ouders vier weken en daar hadden wij, kinderen, geen bezwaar. Het was net of de weergoden ons wilden afstraffen om een week langer op Terschelling te willen verblijven in plaats van drie weken! Wat een pokkeweer was het toen!

Eén keer gingen wij naar Duitsland voor twee weken. Wij vonden het wel leuk maar toch… Wij hadden alle vier toch wel van… volgend jaar maar weer Terschelling!

Ik ben nu weer drie jaar achter elkaar geweest. Dit jaar heb ik mijn verjaardag daar gevierd, ik werd 40! Ik geniet van Terschelling. Dit jaar voor het eerst mis ik Terschelling langer dan gewoonlijk en wil zo weer terug. Het was heerlijk, ook al kregen wij een buitje tijdens de fietstocht, het was heerlijk! De komende twee jaar zal ik waarschijnlijk niet naar Terschelling gaan, misschien dat ik daarom Terschelling nu nog mis!
Ik las een boek ‘Zilte Deerne’ dat op Terschelling afspeelde. Er was een zin dat wel heel erg bij mij past.

‘Misschien weet je het niet, maar dit eiland zit onder je huid. Dat draagt je met je mee. Daarvoor hoef je hier niet geboren te zijn’.

 

written by

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.